Sint Maarten, zoals Martinus in onze streken vertrouwelijk wordt genoemd, is in het Westerse Christendom één van de meest vereerde heiligen. Zijn feestdag is op 11 november. Hij werd geboren in 316 in het huidige Hongarije.
Martinus is de zoon van een officier. Zijn vader dient in het leger van de keizer van Rome, dus ook hij wordt soldaat. Hij trekt als soldaat door veel landen. Hij komt in Frankrijk, in Duitsland en natuurlijk ook in Italië. Martinus heeft dan al veel van Jezus gehoord. Wanneer hij ongeveer twintig jaar is, ontmoet hij een bevlogen bisschop, waardoor hij christen wil worden.
Hij verlaat het leger en wil monnik worden, maar de mensen willen dat hij hun bisschop wordt. Martinus verschuilt zich daarom in een ganzenhok, maar de ganzen verraden hem; hij ontkomt niet aan zijn roeping om bisschop te worden. Martinus was niet alleen een inspirerend mens, maar ook heeft hij veel kerken en klooster opgericht. Op een van zijn missiereizen sterft Martinus. Het is 8 november van het jaar 397. Op 11 november wordt hij in Tours begraven. Martinus is de patroon van Frankrijk geweest.
Een beroemd legende over Martinus is, dat hij zijn soldatenmantel deelt met een verkleumde bedelaar. Zijn medesoldaten lachen hem hiervoor uit, maar ’s nachts verschijnt Jezus aan hem in een droom, mét een halve mantel. Jezus spreekt de woorden uit het Evangelie van Matteus: “Wat jij aan de minste der mijnen hebt gedaan heb jij aan mij gedaan”.
Ook wij worden uitgedaagd om keuzes te maken uit liefde voor anderen, want God zèlf is liefde. Zoals Martinus tegen zijn wil bisschop werd, nemen wij soms taken ook taken op ons, of doen we dingen voor anderen, omdat we zien dat niemand anders het doet. Zoals Martinus uitgelachen werd omdat hij zijn mantel deelde, voelen wij ons ook misschien bekeken, als we iemand helpen of iets weggeven, terwijl we het zelf ook goed konden gebruiken. Delen is meer dan geven van je overvloed, het is een deel van je leven door de zorg voor anderen laten bepalen.
We vinden Martinus’ mantel (pallium) terug in het wapen van Utrecht, maar ook is hij patroon van de mantelzorgers (pallia-tieve zorg) en een flink aantal kerken in de Bommelerwaard zijn naar deze inspirerende heilige vernoemd.