H. Franciscusparochie

Alem • Ammerzoden • Hedel • Kerkdriel • Rossum • Velddriel • Zaltbommel

Geschiedenis Velddriel

Gepubliceerd: Donderdag, 13 oktober 2011

De eerste vermel­ding van katho­liek leven in Velddriel komt uit de Mid­del­eeuwen. Er is dan sprake van een kapel van de H. Antonius Abt. De pries­ter die aan de kapel verbon­den was, kon onder­hou­den wor­den uit de opbrengsten van de gron­den die aan die kapel verbon­den waren. Ook de school­mees­ter werd uit die gel­den betaald.

In de re­for­ma­tie­tijd bleef de bevol­king trouw aan het voor­va­der­lijke geloof. Dit kwam omdat er zo’n slechte weg was tussen Hedel en Velddriel. De pro­tes­tan­ten uit Hedel had­den daardoor geen moge­lijk­heid om in hun buur­dorp te komen preken. De Velddrielse school­mees­ter begon trouwens, als er ‘pro­tes­tantse predikers’ in het dorp kwamen, luid­ruch­tig de rozen­krans te bid­den.

Na de Franse Tijd kwamen er plannen om voor de Velddrielse katho­lieken een eigen pa­ro­chie te stichten. Deze plannen wer­den op 16 no­vem­ber 1851 omgezet in daden. Velddriel werd een eigen pa­ro­chie.

In 1856 werd de oude kapel gesloopt, waarna onder architectuur van H. van Tulder een nieuwe kerk gebouwd werd. In 1858 werd het gebouw inge­ze­gend. In 1945 bliezen de Duitsers de toren van dit gebouw op, waardoor het geheel onherstel­baar werd verwoest.

Eerst moest een nood­kerk gemaakt wor­den. Het intensieve Velddrielse pa­ro­chie­le­ven met ker­ke­lijke vie­rin­gen en pro­ces­sies kwamen zodoende weer op gang.

In 1953 verrees op deze puinhopen de hui­dige kerk. Deken Wehmeijer, al in de oorlog een standvas­tig gees­te­lijk lei­der, was de bouw­pas­toor.

De kerk heeft een aan­ge­bouwde doop­ka­pel, sacristie en een pastorie die via een overdekte gang vanuit de kerk bereik­baar is. Aanvanke­lijk was het de bedoeling om later alsnog een toren op de doop­ka­pel te bouwen, maar van­wege fun­derings­pro­ble­men is de toren uit­ein­delijk enkele meters ver­der geheel los van de kerk gebouwd. De toren is 38,5 meter hoog.